Invorderings campagne openstaande heffingen
Het FANC organiseert een invorderingscampagne omdat
een groot aantal vergoedingen voor de periode 2002-2006 nog steeds onbetaald blijft. Het gaat om heffingen voor inrichtingen van klasse 1, klasse 2, klasse 3 én transport. Voor deze vorderingen werd in het verleden door het Agentschap een betalingsverzoek naar de heffingsplichtige verstuurd, zonder resultaat. Daarnaast hebben de vergoedingen voor de jaren 2002-2003 reeds het voorwerp uitgemaakt van een invorderingsactie door het incassobureau Fiducré.
Het Agentschap heeft het advokatenkantoor CAIRN LEGAL gemandateerd voor het innen van deze openstaande vorderingen.
Het agentschap zal overgaan tot dagvaarding van de wanbetalers, om via juridische weg de achterstallige betaling alsno te innen zo de invorderingscampagne niet tot resultaat heeft geleid. Het niet betalen van de heffingen wordt niet langer geduld. Het Agentschap zal tevens de nodige juridische stappen ondernemen tegen beroepsorganisaties die hun leden aanzetten tot het niet betalen van de verschuldigde bedragen en derhalve tot het overtreden van de wettelijke bepalingen terzake.
De heffing zelf
Het gaat hier om een belasting die door de wet wordt opgelegd. Het Agentschap heeft voor deze heffingen een inningsplicht, waarop onder andere wordt toegezien door het Rekenhof. (lees meer)
De wet voorziet enkel in een vrijstelling van heffing voor de jaren 2001-2006 voor de heffingsplichtigen die in de desbetreffende jaren een jaarlijkse retributie hebben betaald op basis van het KB van 24 augustus 2001. Het invoeren van deze vrijstelling is ingegeven door de zorg voor het gelijkheidsbeginsel dat zijn oorsprong vindt in de grondwet.
De verhoging bij niet-tijdige betaling
In principe moet de verhoging van 50% door het Agentschap worden aangerekend op alle openstaande heffingen. Maar uiteraard is het mogelijk dat het originele betalingsverzoek de heffingsplichtige niet heeft bereikt omwille van een administratieve fout (bijvoorbeeld wanneer dit zou verstuurd zijn naar het verkeerde adres of ter attentie van de verkeerde persoon, of wanneer de post een vergissing zou gemaakt hebben).
Het Agentschap heeft begrip voor deze gevallen en is bereid om, binnen het kader van zijn bevoegdheid, geval per geval na te gaan of het invorderen van de 50% verhoging al dan niet gerechtvaardigd is.
Het advokatenkantoor heeft een aanmaning verstuurd voor elke achterstallige heffing in de loop van de maanden januari en februari. Hierin werd gevraagd het basisbedrag van de heffing én de verhoging van 50% (waarnaar in de brief wordt verwezen als ‘schadebeding') te storten binnen een termijn van 5 dagen. Er worden geen nalatigheidsintresten aangerekend. De schriftelijke contestaties van exploitanten worden geregistreerd en onderzocht. Indien gegrond, werd aan het advokatenkantoor de opdracht gegeven het invorderingsdossier af te sluiten. De betrokken heffingsplichtige wordt in dat geval op de hoogte gesteld.
Het FANC engageert zich om elke schriftelijke contestatie te onderzoeken binnen de drie maanden en indien gegrond (bijvoorbeeld omwille van het mogelijk niet ontvangen van het originele betalingsverzoek) over te gaan tot kwijtschelding van de heffing en/of de verhoging. In deze gevallen wordt de invordering tijdelijk stopgezet in afwachting van de uitkomst van het onderzoek.
Het Agentschap gaat momenteel over tot dagvaarding van de overgebleven wanbetalers, om via juridische weg de achterstallige betaling alsnog te innen.
In tegenstelling tot de meeste overheidsdiensten, wordt het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle (FANC) niet gefinancierd door dotaties die het ontvangt na herverdeling van de belastingen die iedere Belg jaarlijks moet betalen.
Het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle wordt volledig gefinancierd door de houders van vergunningen en erkenningen vereist voor het stellen van handelingen die een bijkomende blootstelling van personen aan ioniserende stralingen met zich mee kunnen brengen. Het is immers op deze handelingen dat het FANC toezicht uitoefent en onderzoek verricht, alsook het gepaste regelgevend kader voorbereidt.
De financiering verloopt in concreto via retributies enerzijds en heffingen anderzijds.
De retributies worden geheven bij de aanvraag van de vergunningen en erkenningen. De heffingen zijn jaarlijks verschuldigd eens men houder is van een vergunning of erkenning.
De bedragen van de retributies zijn vastgelegd in een koninklijk besluit, deze van de heffingen sinds 15 mei 2007 in een wet (lees meer2). De wet bepaalt evenzeer dat heffingen die niet zijn betaald binnen de vier maanden na de ontvangst van het betalingsbevel ambtshalve met 50 % worden verhoogd.
De wet van 15 april 1994 betreffende de bescherming van de bevolking en van het leefmilieu tegen de uit ioniserende straling voortspruitende gevaren en betreffende het Federaal Agentschap voor Nucleaire controle.
Meer details in verband met deze heffingen vindt u via volgende link :
Retributies - Jaarlijkse heffingen
14 April 2008



